21. aug, 2016

Waar zijn de tastbare herinneringen aan de Nederlandse Olympische prestaties gebleven?

Mijn eerste  tastbare herinnering aan de Olympische spelen, waren die van 1972. Ik woonde toen met mijn broertje bij mijn grootmoeder.  Zoals elk kind ben je zeer blij, als je bij het boodschappen doen een mooi kado of iets lekkers of leuks krijgt. Dat hoefde helemaal niet iets groots te zijn.

Vanwege de Olympische Spelen was er bij de plaatseljke sigarenboer een actie om plaatjes te sparen met de Olympische helden van 1892 tot en met 1968.  Deze plaatjes moest je in een album plakken. Zo leerde ik iets over Emile Zatopek en over Anton Geesink, onze grote judoka, die in 1964 voor het eerst een gouden olympische medaille judo won. Hij was de eerste niet-Japanner, die hier in slaagde.

Dat 1972 in Munchen, in het teken stond van een bloedige aanslag op de Israelische sportploeg, door leden van Zwarte september, ging waarschijnlijk toen langs mij heen. 

Inmiddels hebben wij de afgelopen weken weer kunnen kijken naar de Olympische Spelen in Rio de Janeiro. Dit keer stond ook de terreurdreiging weer centraal, aangezien de wereld  hier de afgelopen jaren mee te maklen heeft gekregen. De spelen moesten dus georganiseerd worden, onder een zeer strenge en uitgebreide beveiliging.  

Er zijn door de Nederlandse sporters weer bijzondere prestaties geleverd. Hert eindresultaat lijkt te komen op 19 medailles. De kleur van de laatste medaille, is bij het schrijven van dit artikel nog niet bekend. Maar het wordt een historische medaille, aangezien het een sport, het boksen betreft, waarbij nog nooit een Nederlandse sportvrouw, een bokster, in de finale heeft gestaan. De spelen zullen echter vooral herinnerd worden, door de gebeurtenissen ronde de turners. De nachtelijke escapades van Joeri van Gelder, buiten de ringen om, die hebben geleid tot een uitsluiting van deelname. Een trieste afloop van een carriere, die succesvol afgesloten had kunnen  worden met een medaille, maar nu eindigde in deceptie, na een kort geding.  De val van onze grote turner Epke zonderland, door een blessure. De blessure van Daphne Schippers en het net naast het goud grijpen op de 200 meter. De zilveren medaille van Tom Dumoulin, de wielrenner met polsblessure opgelopen na een val in de Tour de France. De val Annemiek van Vleuten.

Euforie en tragiek liggen dicht bij elkaar bij het sporten.

Maar hoe gaat het verder, na de sluitingsceremonie. De olympische helden keren terug naar Nederland, worden vast ontvangen door de Koning en krijgen een huldiging in hun woonplaatsen. De sporters gaan daarna weer verder, want de sportkalender kent weer nieuwe grote evenementen. Wereldbekerwedstrijden, een  wereldkampioenschap roeien en afscheid van sporters, die hier voor het laats hebben proberen te pieken.

Kunnen wij als toeschouwers genieten van de prestaties van de individuele sporters, door nog eens hun medailles te gaan bewonderen in een Nationaal sportmuseum?

Nee, dat is niet mogelijk. Ooit was er een sportmuseum in Lelystad. Het Nederlands sportmuseum Olympion opende zijn deuren in 1995, maar kwam in financiele problemen. Het verhuisde in 2005 naar het Olympisch stadion in Amsterdam, waar het onder de naam Olympic experience Amsterdam verder ging. Men concentreerde zich hier op 10 sporten. Dit was bedoeld als tijdelijke oplossing, want men zocht naar een grotere lokatie, die uiteindelijk niet gevonden werd. Het NOC NOSF besloot in 2014 zijn financiele steun in te trekken, dus sloot de experience op 18 oktober 2014 zijn deuren.

Het enige wat nu resteert is de wall of fame.  Hier worden alle winnaars van een Gouden medaille vereeuwigd.  Wellicht dat je die bij een rondleiding door het stadion kan bewonderen. 

Verder blijft het onduidelijk waar alle herinneringen aan onze rijke Oluympische sportverleden zijn gebleven. Een deel schijnt verkocht te zijn.

Recent gingen er stemmen op om in 2028 opnieuw de olympische spelen naar Nederland te halen. Het prijskaartje dat hier aanhangt, is gigantisch. Denk in de orde van grootte van 15 miljard euro. Premier Rutte is hier geen voorstander van. 

Jammer, dat er niet tot een oplossing is te komen voor een mooi nationaal sportmuseum. Het Olympisch stadion met 1,2 miljoen bezoekers per jaar, leek een mooie plek, maar helaas het Olympisch vuur dat ooit in Amsterdam voor het eerst ontstoken werd, lijkt gedoofd.